We vlogen vanaf Amsterdam met een zeer korte overstap in Kopenhagen naar Bodø (Boede zoals de Noren het zeggen). De overstap was helaas te kort voor onze tassen want die kwamen niet aan… Formuliertje ingevuld en hopen dat hij snel zou komen. Door het gedoe met de tassen was de kiosk van de huurauto ook al gesloten maar na een belletje kwam hij gelukkig nog terug.
We besloten om er toch maar op uit te gaan. We reden naar Mjelle beach een halfuurtje boven Bodø waar we een hike deden naar Hovdsundet. Het was goed weer, warm zelfs. Ik had mijn spijkerbroek graag omgeruild voor een korte broek maar die lag nu in Oslo. We hadden inmiddels gezien dat onze tassen van Kopenhagen naar Oslo waren gevlogen. We hadden ook gezien dat er nog een aantal vluchten vanuit Oslo naar Bodø zouden gaan in de avond dus dat gaf hoop.
Het was een mooie kleine hike langs de oevers van een landtong naar een klein eilandje dat nog net met een klein wit zandstrandje vast zat aan de landtong, erg mooi. Het pad liep over rotsen en her en der over drassig grasland maar het was goed te doen op onze sneakers, al waren mijn sokken wel aardig nat.




Geen tas betekent geen slaapplek en het was inmiddels al half negen. We reden terug naar het vliegveld. Bijna daar kregen we bericht dat de tas was aangekomen. In eerste instantie alleen die van Albert Jan maar de meid van de luchtvaartmaatschappij wist te vertellen dat mijn tas onderweg was met een vlucht die iets later zou landen. Dat was gelukkig zo.
Tijdens de hike die middag hadden we al wat geschikte plekjes gezien om te overnachten. We reden terug en liepen weer een stuk van dezelfde hike. Het gebied waar we zaten zit boven de arctische cirkel dus het blijft er heel de nacht licht. We gooiden de tent op bij een mooi zandstrandje, tukkie time.



‘s Nachts regende het maar in de ochtend was het gelukkig weer droog. We pakten de tent in en liepen terug naar de auto. We hadden een elektrische huurauto, een Volvo EX30. Een benzineauto was qua huurbedrag bijna het dubbele. Noorwegen heeft een erg actief beleid op het uitbannen van auto’s op fossiele brandstof. Het is zelfs zo dat je op ferries een hoger bedrag betaald voor een auto op benzine dan voor een elektrische auto. Ik heb zelf thuis ook een elektrische auto maar ben er nog nooit mee op vakantie geweest en was ook nog nooit afhankelijk geweest van snelladers. Ik had me wel een beetje ingelezen. Bij sommige laders kon je gewoon direct met je betaalpasafrekenen maar voor de meeste moest je toch een speciale app van de provider hebben. ChatGPT gaf als tip om de Elton app te downloaden waarmee je bij de meeste laadpunten in Noorwegen kan afrekenen.
We hadden inmiddels het plan gesmeed om naar Rago te rijden, een nationaal park tegen de Zweedse grens. We hadden op voorhand nog niet echt bestemmingen vastgelegd maar Rago stond wel op het lijstje. Het was nog wel ongeveer twee uur rijden dus we probeerden eerst in Bodø het snelladen nog even uit. Het werkte op zich best goed, ik kon hier gewoon met mijn betaalpas het laden starten. Tot 80% gaat het echt razendsnel, daarna zie je de snelheid afnemen. We hadden mooi de tijd om even een gasblikje te scoren om te kunnen koken.
De auto had een goede range, met 80% accu circa 380km bereik. We reden met gemak in een keer naar Rago toe. Toch moet je wel een beetje in de gaten houden waar je kan snelladen. In die Elton app heb je een redelijk goed overzicht van waar de snelladers staan. Ik had ook A Better Routeplanner gedownload, daarmee kan je een route plannen en aangeven met hoeveel accu je vertrekt. De app geeft dan de beste laadstops aan. Overigens gaf de in de auto ingebouwde Google Maps functie ook netjes aan met welk accu percentage je aan zou komen.


We hadden ons niet echt ingelezen dus we wisten niet echt wat ons te wachten stond. Het park staat bekend als een van de meest ongerepte van Noorwegen, echte wildernis. Op het laatste moment had ik nog een gpx route op mijn horloge gezet die aangaf dat het 22km en zo’n 900 hoogtemeters waren, prima voor een tweedaagse hike. We begonnen vrij laat in de middag. Geen haast omdat het toch heel de nacht licht zou blijven. Het pad was goed te vinden en bestond voor een aanzienlijk deel uit goed onderhouden vlonders over drassige rivierbedding. Na een goed uur lopen kwamen we echter op een punt uit waar het pad ineens niet meer te vinden was. Ik kon op mijn horloge wel zien waar het zou moeten lopen maar doordat het water hoog stond was het pad niet te zien. We ploeterden er toch doorheen. Na een misstap zakte ik tot aan mijn knieën weg in het water maar we kwamen wel weer op het pad terecht.
We kwamen aan bij een wiebelige hangbrug over een prachtig helderblauw meer. Een waarschuwingsbord gaf aan dat je er maar met één persoon tegelijk op mocht. Na de brug begon het pad steeds meer te stijgen. We hadden prachtig uitzicht over de lager gelegen vallei met het meer en in de verte de grote waterval. Overal om ons heen hoorden we water stromen. Er was in de winter erg veel sneeuw gevallen in Noorwegen en dat was nu met het warme weer snel aan het smelten. In de verte zagen we nog wel wat sneeuw liggen op de noordzijde van de hoger gelegen bergtoppen.




Na vier uur lopen kwamen we opeens een hytte (berghut) tegen. Het was echt een prachtige plek bij een meer en een waterval. Ik had heel de weg de tent meegezeuld in mijn rugtas maar we besloten om in de hut te overnachten. Er stonden twee stapelbedden en er was verder helemaal niemand. We maakten nog wat foto’s van de omgeving, ik liet mijn drone nog even op. We aten wat en besloten om vroeg te gaan slapen om de volgende dag vroeg op te staan.




We stonden om vijf uur op. Het was nog steeds licht en prima weer. We vervolgden het pad over een hangbrug boven de waterval. Het pad glooide verder met af en toe nog een pottige klim. We moesten een kleine waterval oversteken waar geen loopplanken of hangbrug overheen ging. Mijn voeten waren weer zeiknat, ik had eigenlijk mijn schoenen even uit moeten doen. Rond 9 uur kwamen we aan bij de grootste waterval van het gebied, de Litlverifassfossen. Echt een prachtig punt hoog boven de vallei waar we de vorige dag doorheen getijgerd waren. Vanaf boven zagen we hoe de waterval de prachtige meanderende rivier voedde. De zon stond al wat hoger maar doordat er wat wolken waren hadden we een prachtig spel van schaduw en licht.
Na nog eens 3 uur lopen waren we weer terug bij de weg waarvandaan we de vorige ochtend gestart waren. Mijn schoenen en sokken waren nog steeds zeiknat en mijn voeten waren gerimpeld alsof ik 24 uur in bad had gezeten. Ik dacht dat ik enorme blaren zou krijgen want mijn tenen deden flink pijn van het afdalen maar dat viel uiteindelijk gelukkig mee. Ik moest nog wel een half uur teruglopen naar de auto over de weg, het eindpunt kwam helaas niet uit op het startpunt. Maar dat kon gelukkig even zonder zware rugtas.
We reden terug richting de kust naar het eiland Engeløya. Het blijft toch onvoorstelbaar hoe mooi Noorwegen overal is, ook gewoon langs de weg. We reden over slingerende wegen door dichtbegroeide sparrenbossen omringd met hoge besneeuwde bergtoppen. De weg langs de kust met uitzicht op spitse bergtoppen op naastgelegen eilanden was al even spectaculair. Het weer was nog steeds fantastisch. We gingen op zoek naar een camping omdat we wilden douchen. We kwamen uit bij een camping in het plaatsje Bø maar daar was niemand te bekennen. De eigenaar bleek op vakantie te zijn maar hij gaf via de telefoon de code van het sleutelkastje zodat we het sanitair konden gebruiken. De mensen hier zijn, zoals het hoort, enorm goed van vertrouwen. Onderweg zagen we ook al een winkel die 24 uur per dag onbewaakt open was. Je kon daar gewoon zelf afrekenen met zo’n zelfscankassa.
We zetten de tent op en fristen even op. Na het eten besloten we om nog wat rond te rijden over het eiland. We wandelden nog een stuk en ik maakte nog wat drone shots van de prachtige helderblauwe baaien en talloze eilandjes aan de westkant van het eiland. We kwamen op het prachtige Bøsanden strand terecht waar we meerdere mensen met een tentje zagen staan. Dat was eigenlijk een veel toffere plek om te overnachten dus we besloten om de tent op te halen en daar te gaan staan.
Aan de horizon zagen we de Lofoten liggen, een van de mooiste gebieden van Noorwegen. Daar waren we een paar jaar eerder geweest, toen waren we blij dat we nog één nacht de midzomernachtzon gezien hadden. Dat was nu wel anders, om half 2 stond de zon nog steeds boven de horizon. Het licht werd zacht en warm, echt magisch. Bijzonder hoeveel energie je ervan krijgt, we waren die ochtend om 5 uur opgestaan en ik had inmiddels al 40000 stappen met een zware tas over grillig bergachtig terrein in de benen zitten maar ik had nog steeds moeite om in slaap te komen. Met een shirt over mijn hoofd om het donker te maken lukte het om in slaap te komen. Wat een top dag.
De volgende ochtend zweette we letterlijk de tent uit, het was al vroeg erg heet. We pakten in en reden nog wat rond op de naastgelegen eilanden op zoek naar andere mooie plekken. We besloten om verder naar het noorden te rijden op zoek naar een mooie hoogvlakte of andere toffe hike op hoogte. Via een aantal ferries kwamen we uit bij Stetind, net onder de plaats Narvik. Het was nog prima weer maar het zou wel gaan betrekken en uiteindelijk ‘s nachts ook gaan regenen. Chat gaf aan dat het een makkelijke hike was, maar dat viel wel even vies tegen. We deden er nog bijna 3 uur over om de ruim 700 hoogtemeters te overbruggen. Helemaal bovenop de Stetind kan je alleen komen met klim gear. Wij stopten bij het lager gelegen bergmeer waar nog allemaal ijs en sneeuw op lag. ‘s Ochtends nog wegzweten uit de tent op het strand en in de middag deze toffe winterse setting in de sneeuw, heel koel!
We aten wat brood achter een steen uit de wind bij het meer. Het was echt behoorlijk koud dus we besloten om terug naar beneden te gaan. We vonden dat we wel een goede burger verdiend hadden maar het dichtstbijzijnde burgertent was op meer dan een uur rijden. Een hotel restaurant in de buurt zou volgens google open zijn maar toen we daar aankwamen bleek ook die gesloten te zijn. Toch maar weer een zakkie droogvoer dan… We reden terug naar Stetind waar we bij de parkeerplaats bij de start van de hike de tent opzette. Het begon al te regenen dus we maakten haast om droog de tent in te komen. Het regende heel de nacht door. We sliepen het klokje rond van 23 tot 11 uur, toen was het gelukkig weer droog.
Het klaarde op en het beloofde weer een prachtige dag te worden. We besloten om nog verder noordelijk te rijden richting de Vesterålen, een eilandengroep boven de Lofoten. We zochten een toffe hike voor de avond en dat werd de hike naar de Måtind op het meest noordelijke eiland van de Vesterålen, Andøya. Het was wel een lange rit vanuit Stetind (bijna 5 uur) maar dat was wel even lekker voor de beentjes. Het was wederom een prachtige route. We besloten om eerst nog even naar Andenes te rijden, een klein stadje helemaal boven in Andøya waar we eindelijk een goede pizza scoorden. Het WK zou deze avond beginnen dus we aten hem op in de naastgelegen pub waar de voetbal aan stond.
Rond een uur of 10 in de avond begonnen we aan de hike richting Måtind. Het was stralend zonnig en een prima wandeltemperatuurtje. Het was wederom een schitterende hike. We liepen over uitgestrekte bergweide en steile kliffen hoog boven de zee. Het was een beetje heiig en de midzomernachtzon maakte er een mooie dromerige scène van. Je hebt hier heel de nacht het gouden uur met lange slagschaduwen en prachtig strijklicht over de weelderige landschappen. Net voor 12en bereikten de top, een prachtig punt hoog boven de oceaan met aan de ene kant uitzicht op het mooie Høyvika strand en aan de andere kant op ruige uit de zee oprijzende rotsformaties. Echt een spectaculaire plek. We waren ook zeker niet de enige, maar wel de enige die een tentje hadden meegebracht. We sliepen op de rand van de afgrond, hele toffe avond hike.
Rond een uur of 8 werd het al behoorlijk warm in de tent dus we besloten om er uit te gaan. De zon stond al wat hoger en de dromerige scène van de nacht ervoor was ingeruild voor hard zakelijk licht. Bijzonder hoe het landschap verandert onder de veranderende omstandigheden. We maakten nog wat foto’s en daalden af naar de auto. We hadden inmiddels besloten om met de auto richting de Lofoten te rijden en daar de laatste avond met de ferry over te steken terug naar Bodø. Om zeker te zijn van een vaart boekten we die overtocht op voorhand, we konden het niet riskeren om die overvaart te missen want de dag erna zouden we al vroeg vliegen.
We navigeerden richting een camping ergens in het midden van de Lofoten. Onderweg maakten we verschillende stops. We kwamen langs een gigantisch gebouw waar een schip in geconserveerd stond. Dit bleek een museum te zijn van de Hurtigrute, een eeuwenoude scheepsroute die personen, vracht en post van Zuid naar Noord Noorwegen vervoerde. Leuke tussenstop voor de afwisseling. Binnen stond een van de eerste schepen van de route opgesteld en je kon in alle vertrekken komen en over het dek lopen. Best wel tof gedaan.
We stopten ook nog even in Henningsvær waar dat prachtig gelegen voetbalveld is. We waren daar zes jaar geleden ook al geweest. Het is inmiddels echt zo’n instagram plek vol met Aziatische toeristen. En dat terwijl je eigenlijk alleen ziet hoe vet die plek is met een drone.
De volgende dag reden we richting het plaatsje Reine dat helemaal in de punt van de Lofoten ligt, vlakbij de plaats waarvandaan de ferry richting Bodø gaat. We wilden de Reinebringen hike nog gaan doen naar het iconische uitkijkpunt over Reine dat is gesitueerd op allemaal kleine eilandjes die met wegen over dammen aan elkaar verbonden zijn. Heg is een mega toeristische hike maar wel heel erg tof. Het is een stijl pad over 2000 door Nepalese sherpa’s aangelegde hoge treden die je kuiten opvreten. Ik moest om de 100 treden even bijkomen want tering, wat een stijl trapje. Maar het fenomenale uitzicht was het afzien wel dubbel en dwars waard. Het weer was ook perfect. In de omliggende bergen hingen nog wat wolken en het was super helder. Schitterend.
Terug beneden reden we nog Reine in en ook nog even naar het plaatsje Å voordat we om 20uur de boot terug naar Bodø namen. Na drie uur varen waren we terug waar we waren begonnen. We vonden een mooi plekje vlak langs het vliegveld voor de tent om nog een paar uurtjes te kunnen slapen. Om 6 uur stonden we op en om 8 uur vlogen we via Oslo terug naar Amsterdam. Het was een prachtige week geweest!